WO Rike & Mon's
Natuurgids

Spaanse aak

Acer campestre
Zeepboomfamilie (Sapindaceae)


(Alle credits en de rechten van de Wikipedia bron zijn van toepassing)

Spaanse aak of veldesdoorn (Acer campestre) is een plantensoort uit de zeepboomfamilie (Sapindaceae). Het is een traaggroeiende soort die 200–300 jaar oud kan worden.

Etymologie

De botanische geslachtsnaam Acer komt van het Latijnse acer, dat te vertalen is als 'scherp' of 'gepunt'. Hoogstwaarschijnlijk betreft dit een verwijzing naar de bladeren van de meeste esdoornsoorten, waarbij de bladslippen vaak puntige vormen hebben, alhoewel Spaanse aak dat juist niet heeft. Soms wordt gesteld dat de geslachtsnaam misschien (ook) verwijst naar het gebruik van het hout van esdoornsoorten. Het hout werd namelijk vaak gebruikt voor het maken van scherpe of gepunte objecten zoals speren. De soortaanduiding campestre is afgeleid van het Latijnse campus, dat 'veld' of 'vlakte' betekent. Dit verwijst mogelijk naar het eertijdse gebruik van deze soort in perceelafscheidende heggen en houtwallen tussen vooral wei-, hooi- en akkerlanden.

Waar het woord 'Spaanse' in de Nederlandse triviale naam van de soort vandaan komt is onbekend. 'Aak' is afgeleid van het Latijnse acer, waar ook de botanische geslachtsnaam Acer naar refereert. De andere Nederlandse triviale naam 'veldesdoorn' verwijst naar het voornoemde gebruik van deze soort in perceelscheidingen.

Determinatie

Spaanse aak is een bladverliezende plant die groeit als struik of boom. De meeste bomen bereiken een hoogte van ± 10 m, maar in uitzonderlijke gevallen kunnen ze de 25 m bereiken. De breedte kan oplopen tot ± 10 m. De koepelvormige, scherp begrensde kroon maakt een dichte en donkere indruk. Het komt regelmatig voor dat er duidelijk meer dan één hoofdstam wordt gevormd. De stam en takken zijn kronkelig. De plant vormt veel korte twijgen, die sterk aan het uiteinde van de takken zijn geconcentreerd. Als struik valt op dat de plant vaak sterk vertakt is, maar zonder de ondoordringbare structuur te vormen zoals veel doornstruiken dat doen, die bijna altijd wel in de nabijheid van Spaanse aak te vinden zijn. De soort vormt een dikke schors die gegroefd en kurkachtig is. De takken zijn olijfgroen tot geelbruin en jonge takken zijn lichtbehaard. De takken vertonen vaak kurklijsten. Jonge twijgen zijn groen tot grijsbruin met lichtgrijze barstjes, en zijn glanzend en aan het uiteinde iets behaard. Aan de wat oudere twijgen vindt men kurklijsten. Oudere schors is donkerbruin met oranje strepen en heeft een netwerk van fijne groeven met daartussen kleine schilfers. De bladlittekens zijn sikkelvormig en samenstotend met drie sporen. Het bladkussen is iets verheven. Het merg is wit en rond met kleine uitsteeksels.

De bladeren van Spaanse aak zijn veel kleiner dan van andere esdoornsoorten en bestaat uit drie of vijf slippen, die zelf golvend tot gelobd zijn. De lobben zijn stomp, mat groen en aan de onderzijde behaard. De hoofdnerf is lichter van kleur en de bladsteel bevat melksap. In de herfst heeft Spaanse aak een goudgele herfstkleur, maar kan in Zuid-Limburg ook rood zijn.

De soort is is meestal eenhuizig, soms tweehuizig, met in aanleg tweeslachtige bloemen die echter functioneel eenslachtig zijn. De bloeitijd loopt van mei tot juni, tegelijkertijd met of net na het verschijnen van de bladeren. De bloeiwijze omvat een rechtopstaande tuil. De bloemen zijn vrij klein, onopvallend en groengeel van kleur. Ze hebben vijf kroonblaadjes. De vrucht is een gevleugelde noot (samara). Het bestaat uit twee zaden waarbij de vleugeltjes in elkaars verlengde liggen. Hierdoor zijn ze gemakkelijk te onderscheiden van die van gewone esdoorn en Noorse esdoorn. Het duurt achttien maanden voordat de zaden ontkiemen.

De plant laat zich goed snoeien en wordt dan ook vaak in hagen gehouden. Spaanse aak verdraagt zware snoei en kan in dichte, regelmatige vormen worden geknipt. Het hout is zeer hard en geschikt als hakhout. De twijgen zijn bruin en aan uiteinde behaard.

Gelijkende taxa

In de winter kan Spaanse aak verward worden met gladde iep, die zeer gelijkende kurklijsten vormt en ook nog eens in hetzelfde milieu kan voorkomen. In tegenstelling tot gladde iep zijn de knoppen van Spaanse aak tegenoverstaand en rood van kleur.

Ecologie

Spaanse aak komt voor op eutrofe tot mesotrofe, droge tot matig vochtige, basische tot circumneutrale grond. Van nature staat ze vooral op vocht- en kalkhoudende leemgronden. De soort komt voor op zonnige tot beschaduwde standplaatsen; opvallend is dat ze voor de kieming zeer beschaduwde plekken verdraagt. Ze is ietwat vorstgevoelig en vertoont daarom in het wild ruwweg een voorkeur voor hellingbossen met een expositie op het zuiden. Voorts is Spaanse aak goed bestand tegen harde wind, luchtvervuiling, strooizout en zware snoei. De soort wordt aangetroffen in loofstruwelen (vooral in heggen en mantelvegetatie) en in loofbossen.

De soort is een goede drachtplant vanwege haar nectar- en pollenrijke bloemen, die druk bezocht door bijen en andere insecten. In Nederland is de soort de enige waardplant van de spaanse-aakvouwmot. Op de bladeren van Spaanse aak kunnen rode, pukkelvormige gallen gevonden worden van de Spaanse aakknobbelmijt en de esdoornnerfhoekmijt., die haar ook als waardplant gebruiken. De vruchten van de plant worden gegeten door onder andere de appelvink en de groenling.

De schors is van Spaanse aak is van nature eutroof en niet-zuur, en kan meer epifyten huisvesten dan de andere inheemse esdoornsoorten. Doorgaans biedt de schors van Spaanse aak een substraat voor epifytische vegetatie uit de klasse van haarmutsen en vingermossen.

Levende exemplaren van Spaanse aak zijn vatbaar voor schimmels waaronder Spaanse aakmeeldauw, esdoornmeeldauw en verwelkingsziekte. Op stervend houtweefsel waarin nog veel suikers aanwezig zijn komt gewoon meniezwammetje vaak massaal voor.

Verspreiding

Het natuurlijke verspreidingsgebied van Spaanse aak strekt zich met uitzondering van het noorden uit over heel Europa, tot Zuidwest-Azië en Noord-Afrika. Spaanse aak is wellicht de eerste esdoornsoort die op eigen kracht België en Nederland bereikt heeft na de laatste ijstijd. Archeobotanische vondsten dateren van 7000 BP. De soort is nu zeldzaam als autochtone boom in Nederland, maar komt in Vlaanderen veelvuldig voor in de zuidelijke leemstreken.

Toepassingen

Spaanse aak werd vaak aangeplant in de buurt van boerderijen en als hakhout beheerd. Ook kwam hij veelvuldig in hagen en heggen voor.

Tegenwoordig wordt de soort ook vaak toegepast als bosplantsoen in de openbare ruimte. Hier wordt de soort aangetroffen als heg, struik of boom. Mede door het snel verterende blad is het een bodemverplegende soort.

In de Vlaamse Ardennen werd zij ook vaak als knotboom gebruikt. Het hout werd veel gebruikt om kleine gereedschappen en stelen te maken. Doordat de schors niet afvalt werden traditioneel zitstokken voor hoenderhokken van de takken gemaakt. Hierdoor werden de poten niet koud en hadden de kippen een goede houvast. Vermoedelijk diende het loof in tijden van schaarste ook als voedsel voor vee. Spaanse aak leverde ook brandhout van goede kwaliteit.

Cultivars

Er bestaan ongeveer 30 cultivars van Spaanse aak, gekweekt voor het blad, de habitus, of beide.

  • A. campestre 'Elsrijk': Kleine piramidale boom
  • A. campestre 'Queen Elizabeth': Wordt 10–12 m hoog met een breed ovalen tot breed eivormige kroon. Hij heeft donkergroene bladeren met afgeronde lobben en een gele herfstkleur
  • A. campestre 'Red Shine': Wordt 8–12 m hoog met een smalle, piramidale kroon. De onderzijde van de bladeren is donkerder dan bij de soort
  • A. campestre 'Royal Ruby': Heeft bladeren met een rode gloed
  • A. campestre 'Marjolein'

Inhoudsstoffen

Het hout van Spaanse aak bevat de volgende stoffen:

Externe links

  • Spaanse aak op Flora van Nederland
  • Spaanse aak in het Nederlands Soortenregister
  • Verspreiding in Nederland volgens NDFF Verspreidingsatlas
  • Kaarten met waarnemingen:
  • België
  • Nederland
  • wereldwijd

Referenties



(Alle credits en de rechten van de Wikipedia bron zijn van toepassing)

Waar?

Familie(4)

WWW info


Verder zoeken
bl. Grootte bl. Vorm Takjes Bast Hoogte Zaden Zaad huis Bloem Bloem type Type
bl. Grootte  	5-15 cm bl. Vorm  gelobbed Takjes  tegenover Bast  ruw Hoogte  5-30 m Zaden Zaad huis  gevleugeld Bloem Bloem type  anders Type  loof
5-15 cm gelobbed tegenover ruw 5-30 m gevleugeld anders loof
0 Lijkt op (LA):
Field maple
Spaanse aak
Feldahorn
Érable champêtre
Acero campestre
Arce menor
Acer menor


Ecozone (biogeografische regio) instellen
select a region
© Copyright Nature.Guide Nederland 2026 door RikenMon tenzij anders aangegeven.